devriezin.reismee.nl

Winter-watersport en wachtkamers

  • Terugkeren in Amersfoort voelt bekend en is vertrouwd. Het weerzien brengt dit jaar ook nieuwe ervaringen.
  • De eerste week vult zich met het afvinken van een lijstje boodschappen dat in de voorgaande weken is ontstaan en dat kon wachten tot onze aankomst op de plek waar we inmiddels de weg goed kennen.
  • Als we eenmaal weer vastliggen weten wij dat de frequentie van bezoekjes van vrienden en bekenden toe gaat nemen. Zij en wij vinden dat weer leuk. Zij weten waar wij liggen, het is centraal in het land en op een leuke plek.
  • Wij vinden het heerlijk om weer op fietsafstand te wonen van onze dochter Lidwien met Jeroen en twee van onze kleinkinderen. De wintermaanden zijn daarvoor ook heel geschikt met: Sinterklaas (met intocht in onze haven), Kerst en verjaardagen van beide kleinkinderen.
  • In de afgelopen twee jaar hebben wij warme contacten opgebouwd met andere winterliggers en een aantal bewoners van de appartementen aan de kade. Wij vinden het leuk ze weer te zien en spreken. Dit jaar intensiveren de contacten verder en passeert er over en weer wat meer lief en leed. Joep ontdekt spinning en doet dit regelmatig met een van de buren. Een van de walbewoners heeft Vrommes graag om haar heen en van lieverlee hebben wij er een oppasadresje en uitlaatservice in Amersfoort bij.
  • Tsja, en wie ons kent, had dat gedacht
? Wij zijn aan het Klaverjassen geslagen en met plezier met andere winterliggers. Op de maandagochtend is er ‘Aquavitaal’ bijgekomen voor ons beiden; een work-out in het water in het mooie zwembad van Amersfoort. De gym van Maaike, gevolgd door gezellige koffie en het schrijven in de bibliotheek van Joep op de dinsdagmorgen zijn gebleven. Tot groot genoegen van beiden. Op de woensdagmiddag was Joep weer taalcoach voor statushouders in Amersfoort. Dit jaar zorgde dat vrijwilligerswerk voor een extra attractie. De taalschool zocht een Sinterklaas en Joep’s lengte en stem voldeed wel aan de criteria
Het werd een leuke en dankbare ervaring om een kleine honderd volwassenen uit alle uithoeken van de wereld kennis te laten maken met de goedheiligman. Zij hadden wel iets meegekregen van dit fenomeen, veelal via hun kinderen en waren verrukt dat hij de tijd had gevonden om bij de Taalschool langs te komen.
  • De grootste vernieuwing dit jaar zat in de beleving van een echte winter, met sneeuw en vorst. Watersport werd wintersport. Het leverde prachtige plaatjes op, maar ook zorgen. Na een paar sneeuwdagen begon de tent op het achterdek toch wel verdacht ver door te zakken onder de sneeuwlast. Wat te doen? Wij konden er onmogelijk met een bezem of zoiets bij om het weg te schuiven. De enige optie bleek om het dak stukje bij beetje leeg te maken door van onder de sneeuw naar de buitenkant te kloppen. Een behoorlijke klus, maar uiteindelijk effectief en goed voor de armspieren. Wij konden het nog een paar keer herhalen door terugkerende sneeuwval.
  • Gedurende ons winterverblijf zijn wij een paar weekenden weggeweest. Een vriendenweekend in Zeeland, een familieweekend in Scheveningen en een luxe weekendje met zijn tweeĂ«n in Twente.
  • Nieuw dit jaar was dat wij beiden wat vaker medische wachtkamers hebben gezien dan voorheen. Achteraf gelukkig allemaal onschuldige dingen, maar de gedachte van de jaren die gaan tellen drong zich toch op. Joep ging voor het eerst van zijn leven naar een fysiotherapeut om aandacht te geven aan de knieĂ«n die afgelopen jaar bij het wedstrijdzeilen opspeelden. Maart was voor hem sowieso een mindere maand met een hardnekkige verkoudheid/griep met terugkerende koorts. Het duurde meer dan vier weken en uiteindelijk was de huisarts bereid antibiotica te proberen en dat loste het probleem in een paar dagen op.
  • In de eerste maanden van 2026 zaten nog twee kleine maar dierbare hoogtepuntjes. In januari behaalde Wies haar eerste zwemdiploma en in maart waren wij getuige van de laatste dag van Flip op het kinderdagverblijf. Hij werd daar uitgezwaaid door vriendjes en vriendinnetjes en juffen. En de week erop hoorden wij zijn eerste belevenissen op de ‘grote school’ uit de eerste hand.
  • Op de ochtend van 3 april vertrokken wij uit de Eemhaven, een stukje vergezeld door kleinkinderen en schoonzoon en uitgezwaaid door wal- en bootvrienden uit de Eemhaven. Met een kleine brok in de keel keken wij achterom en waren wij dankbaar voor alle warme contacten die wij weer ervaren hadden en nu achterlieten. De troostende gedachte is dat wij ze eind oktober weer gaan zien en vermoedelijk zoeken wij ze tussendoor ook nog wel eens op. Nu weer verder met het varende leven...

Verschillende levens in korte tijd en toch olie aan de handen

Joep kwam een beetje anders terug in Amersfoort dan toen hij ging. Daarover later meer. Voor ons beiden geldt dat wij verrijkt terugkwamen op onze winterligplaats Amersfoort, na vijf geheel verschillende periodes in dit vaarseizoen.

Na die enerverende eerste periode in ’s-Hertogenbosch, waren wij toe aan uitblazen en effe rust. Niet dus. De trip richting noordwesten liep via de Maas en Waal. Vooral de laatste is toch al niet ons meest favoriete water. Wij werden begeleid door donkere wolken en striemende buien en wind in tegenovergestelde richting van de stroom. Dus dikke koppen op het water. En dat terwijl wij eigenlijk met dergelijk weer niet willen uitvaren, maar het overkwam ons. Bij de oversteek van de Waal werd onze zorgvuldig gekozen oversteek ook nog eens ruw verstoord door een te lomp, hard varend ‘duur jacht’ die ons dwong schuin door de golven te gaan. Vallend servies en onrust over Vrommes die ‘ergens’ op het dek rondliep. Uiteindelijk valt de schade mee en blijkt Vrommes nog gewoon op haar vier pootjes te staan. Het vervolg werd vriendelijker.

Omringd door Hollandse historie en maritieme bedrijvigheid

Een weekje Dordt was de bedoeling. Het werden er bijna drie. Wij waren op slag verliefd op deze mooie waterstad. Mede door de prachtige Schepencarrousel plek in de Wolwevershaven, met uitzicht op prachtige slepers, een oude scheepskraan en lichtgroene uitlopende bomen en zon op de achtergrond. Vlakbij het drukste maritieme punt van Europa waar de Noord, de Merwede en de Dordtse Kil samenkomen. Met grote regelmaat passeren er joekels van tankers en containerschepen. Langs de kade een bunkerstation, waar ook wij nuttige dingen kochten voor ons kleine scheepje. De binnenstad van Dordrecht is het andere uiterste. Lieflijk, met mooie grachtjes en doorkijkjes, standbeelden van Nederlandse historische figuren, zoals Johan de Witt en wat vooral opvalt zijn de vele leuke kunstzinnige winkeltjes. Of daar serieus geld verdiend wordt, vroegen wij ons af, maar het brengt zeker sfeer voor de rondneuzende toerist. Bijzondere ontmoetingen waren er met Richard, in het verleden huurder van ons huis, en daarna drijvende buurman voor datzelfde huis en inmiddels bevriende maritieme vriend. Wij mochten met hem als kapitein, een route mee varen op de Waterbus over de grote wateren langs de andere Drechtsteden. Net even wat anders dan een rondvaart. Verder een dagtrip over de Noord en Nieuwe Maas naar Rotterdam, ook met de Waterbus. En wij liepen in een van de Dordtse havens spontaan tegen onze Zwitserse vaarvrienden van de ‘Dagens 2’ aan. Hun schip hadden wij mogelijk gekocht als het 2 meter korter was geweest. In 2022 gaven zij ons ook een extra zetje naar ons huidige leven, toen wij hun verhalen hoorden toen zij aan de T-steiger lagen van het Theehuis in Grou. Ook andere vrienden en vriendinnen uit de omgeving brachten ons een bezoekje, veelal op het achterdek. Vanuit Dordrecht gingen wij ook een weekend naar Ruinerwold om met onze kinderen en kleinkinderen ons 45- jarig huwelijksfeest te vieren en het feit dat wij beiden in deze jaren 70 jaar werden en worden. Tot slot, wij hebben de stad eer aangedaan door ook 2 leuke musea te bezoeken. Toplocatie.

Zonsopkomst met dubbele espresso macchiatto en ondergaande zon met een Skumkoppe


Dat is het leven van de genietende toerist. En dat was ook ons leven in Katwijk aan Zee. Een mooie tocht door Zuidwest Nederland, langs Rotterdam, door een stuk groene hart, langs Alphen aan de Rijn en Leiden bracht ons naar de Nederlandse kust. Het weer was nog steeds mooi.

Het idee van een weekje Katwijk, met daarbij de droom van mooi weer, was in de winter al geboren. Dat werd werkelijkheid en één week werd drie weken. In de ochtend liepen wij met Vrommes naar het strand voor een lekkere wandeling en sloten die af met een heerlijke espresso macchiato in een gemoedelijke strandtent waar wij af en toe ook leuke gesprekken hadden met de lokalen. Zo leerden wij dat Katwijk, bekend van de vissers, zelf nooit een vissershaven heeft gehad. Katwijkers visten generaties lang met hun boten vanuit Noordwijk of Scheveningen. Overdag verkenden wij het dorp, de lokale markt en hadden leuk contact met andere bootbewoners, waaronder onze varende vrienden Annette en Paul en een stel dat wij kenden via de overwintering in Amersfoort. En soms spontane ‘praatjes pot’ die vooral Maaike opstartte. Ook fietsten wij naar Noordwijk door de duinen. In die periode hebben wij een dag onze ambassadeursrol voor ‘Varen Doe je Samen’ in Zeeland vervuld. En natuurlijk hadden wij onze wekelijkse oppasdag op kleinkinderen en ook normale activiteiten zoals administratie e.d., lopen door. De avond werd meer dan eens afgesloten in dezelfde strandtent. Het strand liep dan langzaam leeg en wij genoten van de late avondzon en de zee. Wederom een heerlijke plek.

Doordat wij nu al op twee plekken drie keer langer bleven hangen dan eerder gepland, kwam ons plan om door Noord-Holland te varen in het gedrang. Immers wij wilden eind juli in Sneek zijn voor de Sneekweek. Zeeland was eerder al gesneuveld. Volgend jaar toch wat conservatiever plannen
. Vanuit Katwijk voeren wij een mooie route via Uithoorn, Muiden, Veluwemeer, Kampen en Echtenerbrug naar Akkrum. Hier acclimatiseerden wij langzaam weer in het Friese land. Leuke ontmoetingen met Hugo en Karin ten Brink en Leo en Gerdien ten Brink. Beiden achterneven met ook geërfde liefde voor boten en alles wat daarbij hoort.

Wedstrijdzeilen, harde wind en zere knieën

In Akkrum begon ook het mentale voorbereiden op drie wedstrijdzeilweken voor Joep. De Sneekweek, het Nederlandse kampioenschap in Zuidlaren en de Euro op de Belterwiede. Dit jaar waren de zeilactiviteiten geclusterd in twee periodes; Brabant en Noord-Nederland. De Sneekweek is inmiddels een 26-jaar bestaande traditie, die beleefd wordt met Maaike’s zus en man en Joeps zus en man. Het zeilen viel Joep zwaar met zes dagen veel wind en toch niet meer dezelfde krachten als 26 jaar geleden. Dat heeft hij ook moeten bekopen met overbelaste knieĂ«n, waardoor het Nederlandse kampioenschap minder goed verliep dan gehoopt en hij bij de Euro na de eerste dag moest stoppen, omdat de knieĂ«n het hangen en overstag gaan niet meer aankonden. Een en ander leidde ook tot vragen zoals: hoe lang nog doorgaan met wedstrijdzeilen, anders gaan trainen, etc? ‘Food for thought’ voor de winter
 De evenementen brachten wel weer veel gezelligheid met voor ons beide vele oude bekenden. Tussendoor hadden wij ook heerlijke vaardagen in Friesland, met bezoekers zoals de inmiddels bevriende buren Margreet en Vincent uit het aanliggende appartementencomplex in Amersfoort. En wijzelf lagen een paar dagen gezellig langszij bij Ad en Tineke, onze Amersfoortse medeoverwinteraars, in Terherne. Ook trieste dagen kwamen op ons pad. Een goede vriendin van ons, die ons in Katwijk nog bezocht had, overleed in augustus. Het hield ons dagenlang bezig. Wij bewaren hele mooie herinneringen aan haar.

Het einde van het vaarseizoen komt in zicht, want wij hebben afgesproken om begin september in Zwartsluis te zijn voor werkzaamheden aan ‘De Vriezin”

Aan de slag met bootonderhoud en technische upgrades voor ons varende huis. Zand, vliegroest en olie aan de handen.

In de winter, na het besluit dat de Vriezin ons enige huis is de komende tijd, hadden wij besloten voor een aantal verbeteringen in De Vriezin. Gericht op hoger comfort en levensloopbestendigheid. Die werden uitgevoerd door Aquaservice in Zwartsluis. Op het programma staan zonnepanelen om minder diesel energie te verbruiken, betere isolatie en spotjes in het stuurhuis, betere drinkwaterzuivering, een hydraulische opening van het luik naar de machinekamer en een extra trapleuning. Ongepland kwamen daar bij, een betere ventilatie van de machinekamer en een nieuwe kopschroef. Dat laatste was een tegenvaller, maar ook een geluk bij een ongeluk. In Zwartsluis begaf onze kopschroef het wéér
 Inmiddels voor de derde keer. Na uitvoerig overleg kwamen wij tot de conclusie dat deze kopschroef niet langer te vertrouwen was. Dat betekent een nieuwe en dat De Vriezin voor deze klus het water uit moet. Vanaf dan hopen dat er op korte termijn ergens een plekje is op een scheepshelling voor 2 dagen. Consequenties zijn extra investeringen in tijd en geld. Wij realiseren ons dat wij ook blij moesten zijn dat het hier en nu gebeurde en niet een week nadat wij uit Zwartsluis waren vertrokken. Het kwam uiteindelijk allemaal goed en wij zijn heel blij met alle verbeteringen, ook de nieuwe kopschroef. Maar de geplande vier weken werden er zeven en het spaarpotje is wat kleiner. Die weken rondom al deze activiteiten hebben wij ons goed vermaakt, zij het op weer een totaal andere manier. De eerste week vulden wij in door een wellness weekje in een kuuroord in Bad Sassendorf. De week daarna hadden onze varende vrienden, heel aardig, aangeboden dat wij in hun huis konden verblijven in Mijdrecht. Na 2 weken begon dus eigenlijk pas ons leven tussen de werkzaamheden op de werf. De boot was een ontplofte bende met overal draden, gereedschap en werklui. De band met hen groeide en na enige tijd begonnen wij het leuk te vinden, met af en toe een baaldag tussendoor. Dagelijks de werkkleding aan en meewerken, schoonmaken, opwaaiend zand en vliegroest bestrijden of zelf schilderen. Wij leerden veel over de boot en de complexiteit ervan. Joep was dagen bezig met het leggen van draden en transformeerde tot een blije klusser. Wie had dat ooit gedacht? Toch olie aan de handen, iets wat enige tijd geleden onwaarachtig scheen.

Het vaarseizoen was dus in Zwartsluis al tot een afsluiting gekomen. Alleen nog een tochtje naar onze winterverblijfplaats Amersfoort. Na 2 dagen varen meerden wij daar aan en werden warm begroet door de al aanwezige andere overwinteraars. Wij gaan deze periode in met nieuwe plannen en kijken daarin ook weer vooruit naar de avonturen van het vaarseizoen 2026. Daarover meer in het verslag van april 2026.

Afscheid in etappes; van steen naar staal, van aflossen naar sparen

Bye, Bye en tot ziens Amersfoort. Wij hebben de toezegging voor de komende winter binnen. Dus: ‘See you in October’.

Losgooien is altijd weer ‘partir c’est mourir un peu’. Want, wat was het een gezellige winterperiode! Deze winter schoten wij nog verder wortel in Amersfoort. Dus het was ook afscheid van inmiddels bevriende buren op de wal. De meeste winterliggers zijn al vertrokken en passanten nemen hun plekken in. De sfeer verandert.

Zo rustig als de Vriezin op haar eerste kilometers door de Eem glijdt, zo geleidelijk maakt de weemoed plaats voor positieve spanning over wat vóór ons ligt. Het afkicken is voltooid als wij na een overnachting aan het einde van de Eem, de volgende dag, bakboord uit, het Eemmeer opdraaien, op weg naar Muiden. Daar wacht een prachtige plek onder het Muiderslot en een biertje op het terras bij ‘Ome Ko’. Wij zijn los.

Daarna volgen een paar dagen bij de mooi gelegen Watersportvereniging aan de Vecht. Het is een weerzien met Jeroen en Carol, de havenmeesters. En wij bezoeken de ‘verzorgers’ van Cornell, de grote houten giraffe die al jaren in onze huizen stond, maar helaas niet op boot past. Zij heeft daar een mooi plekje gekregen. Dan via Nederhorst den Berg en verder slingerend over de Vecht in voorjaarssfeer, naar Maarssen. Van daaruit, via het Amsterdam-Rijnkanaal en Meerkerk, naar ’s-Hertogenbosch. Een paar verwelkomende bekenden op de kade voelde als een warm bad. Een mooie start voor een bijzondere periode in Den Bosch. De eerste nachten liggen wij pal voor ons eigen, verkochte huis. Hoe dat voelde, vroegen velen zich af. Het voelde goed. Het proces tot en met de verkoop was een lang en zorgvuldig proces geweest. Dus geen ‘second thoughts’. Maar, helemaal zonder emoties was ons verblijf van 6 weken aan de Brede Haven nu ook weer niet.

Terug in het huis, merkten wij dat het huis haar ziel was verloren. Wat we er terug vonden was een verzameling bekende dingen, sommige met waardevolle herinneringen. Maar ons thuis was het niet meer. Wij voelden de bevestiging van wat wij al vaak tegen elkaar gezegd hadden: “Thuis is waar De Vriezin is”. Voor eind mei moest het huis helemaal ontruimd en voorbereid worden op de overdracht. Die was, op verzoek van de kopers, in 2 stukken gehakt. De feitelijke levering (sleuteloverdracht) eind mei en de juridische levering, begin juni. Het betekende nog behoorlijk aanpoten om alles op tijd klaar te hebben. Ook omdat de externe garage, waar nog een aantal spullen in de opslag gingen, daarvoor eerst opgeruimd en geordend moest worden. Pas daarna kon het echte leeghalen, schiften en ontspullen beginnen. Na circa 10 gezamenlijke verhuizingen mogen wij onszelf ervaringsdeskundigen noemen. En afstand doen van materiele zaken hebben wij beide niet veel moeite mee. Toch voelde deze fase anders. We gingen niet meer naar een nieuwe plek, want die hadden wij al 1,5 jaar. Verder is het in deze levensfase onzinnig om veel dingen te bewaren die eerder niet uitverkoren waren om mee te nemen naar De Vriezin. Dan bewaar je het alleen maar omdat je het hebt
 Enkel wat meubels en schilderijen gaan de garage in, om eruit gehaald te worden bij een eventuele terugkeer naar de wal. Terwijl wij door de gelezen boeken, servies en andere opgespaarde ‘je-weet-nooit’ spullen liepen, velden wij een vonnis over hun volgend leven, via Marktplaats, kringloopwinkel of milieustraat recycling/vernietiging. Daarbij bekroop ons het gevoel dat wij werk uit handen namen van ons kinderen voor het moment dat wij er niet meer zijn. Het deed ons denken aan het ontruimen van de ouderlijke huizen van onze ouders.

Het huis leeg opleveren en de sleutel afgeven was een volgende stap in het onthechtingsproces. Het was raar om de volgende dag de nieuwe bewoners en hun vrienden in ‘ons’ huis aan de slag te zien. Op 4 juni zaten wij bij de notaris en toen hadden wij ook op papier geen huis meer. Allemaal voorzien, maar toch, de Vriezin was nu niet meer een huis op het water erbij, maar ons enige huis. Geen weg terug meer. Maar zoals de Brabanders zeggen; ‘da zuke wij nie’. En de bijeffecten smaakten ook zoet. Geen hypotheek schulden meer en nadenken over financiĂ«le reserves.

Tussen deze bedrijven door hadden wij genoeg te doen. Een verassingsborrel voor onze dochter Dorien die 40 werd. Heel veel kopjes koffie, thee, biertjes en hapjes met vrienden en bekenden. Een paar gezellige etentjes en de jaarlijkse Zuid-Afrika reĂŒnie. En ons wekelijks oppassen in Amersfoort en Amsterdam liep gewoon door. Tussendoor is er nog een nieuwe keuken in de boot ingebouwd. De uitbundige viering van Koningsdag op de Brede Haven was een leuk intermezzo. Joep zeilde nog 2 wedstrijd evenementen. Een in BelgiĂ« en de ander was een kampioenschap in den Bosch waar hij ook mede verantwoordelijk was voor de organisatie. Genoeg excuses om gewenst onderhoud aan ons nieuwe thuis nog even uit te stellen.

In de laatste dagen voor ons vertrek, goed getimed, kregen wij de formele bevestiging dat wij uitgeschreven waren in ’s-Hertogenbosch en dat wij waren ingeschreven op het (brief)adres van Dorien in Amsterdam. Met dit briefadres behoren wij nu tot de groep daklozen, landlopers en schippers, zonder vaste woon- en verblijfsplaats. Met die wetenschap verlaten wij heel tevreden en dankbaar over de mooie tijd, de Brede Haven. Op weg naar nieuwe belevenissen.

Van Indian Summer naar lentebloesem

Het vorige blog eindigt met de nieuwsgierigheid naar dit blog over het vervolg op een aantal ontwikkelingen. Opschrijven van wat er in een klein half jaar aan (on)voorziene dingen en beslissingen passeert, maakt je extra bewust van de onvoorspelbaarheid daarvan.

Onze 2e winter in Amersfoort. Wat is nieuw? Een greep: nieuwe ooglenzen, huis verkocht en bijna gekocht, cursussen en goed onderhoud aan boot en onszelf.

Wat bleef was de gezelligheid van de Amersfoortse haven met heel veel leuke contacten en gezelligheid. Het grootste deel van de winterliggers van vorig jaar was er weer. Die brachten opnieuw gezamenlijke koffies, borrels, etentjes en filmbezoeken. En de contacten met de bewoners van de appartementen, die ‘op’ ons kijken en die ons vorig jaar al uitnodigden op hun maandelijkse borrel, werden verder verdiept. Zelfs een nieuwe vriendschap ontwikkelt zich daaruit. Wij schieten wortel in wat wij nu beschouwen als onze thuishaven.

Geplande en ongeplande activiteiten

Komend uit Zeewolde kwamen wij op een mooie nazomerse dag aan in de inmiddels vertrouwde Eemhaven, nu met een goudgele, donkerrode herfstgloed over de kades. Veel ‘winterliggers’ waren al gearriveerd en dus voeren wij al zwaaiend naar binnen. De vrije plek waar we aanmeerden, lag iets verder van de Koppelpoort af dan vorig jaar.

Een paar dingen hadden wij ons voorgenomen voor de komende tijd. Joep wilde wekelijks gaan schrijven aan een boek met een levensverhaal. En beiden hadden wij besloten in deze maanden ook een stukje vrijwilligerswerk te gaan doen. Dat schrijven is Joep vanaf de eerste week gaan doen. EĂ©n ochtend in de week, in het prachtige Eemhuis (bibliotheek en activiteitencentrum) op steenworpafstand van de haven. In de eerste weken zagen wij een advertentie voor een informatieavond over de rol van taalcoach voor statushouders. Die informatie gaf ons het gevoel dat dit goed paste bij onze ideeĂ«n over vrijwilligerswerk. Het bleek ook prima om dit gedurende een beperkte tijd van 5 maanden te doen. Maaike op de maandagochtend en Joep op de dinsdagochtend. Een nuttige activiteit, die ons ook nieuwe inzichten gaf over het leven van mensen die in Nederland terecht zijn gekomen en die hier een bestaan proberen op te bouwen. Het gaf, samen met de vaste oppasdonderdag, ook meteen structuur aan onze weken. Daarnaast hebben wij zelf ook een cursus gevolgd. Over in balans bewegen - oftewel valpreventie - twee keer een uur in de week. Aanvankelijk dachten wij beiden dat we aan de jonge kant waren voor zo’n cursus, maar al gauw bleek dat er op dit terrein veel geleerd kon worden en natuurlijk is het extra relevant als je op een schip leeft. En daar bovenop kwam Maaike via de buurtcontacten terecht in een wekelijks gymclubje, ook in het Eemhuis. En Joep pakte de wekelijkse conditietrainingen weer op, waar hij vorige winter ook met plezier aan meedeed.

Huis verkopen en kopen


Tussendoor hoopten wij op regelmatig nieuws en veel belangstelling voor ons te koop staande huis. Dat viel tegen. Het was niet druk met belangstellenden. Wij vonden zelf ook wel dat wij qua prijs hoog hadden ingezet. Te hoog
, is dan al snel de vraag die opkomt bij een oververhitte markt. Geduld was het devies in het regelmatige overleg met de makelaar: ‘het is een bijzonder huis op een unieke plek en dat komt goed’. Ondertussen gingen wij, vooruitlopend op de goede afloop, met een aankoopmakelaar aan de slag voor een onderkomen op de wal in Amersfoort. Daar leerden wij steeds beter wat wij zochten, wat dat ongeveer zou gaan kosten en wat onze kansen dan zouden zijn. Tijdens de Kerst hebben wij zelfs een optie genomen op een nog te bouwen nieuw appartement in Hilversum. Maar op een ochtend in het nieuwe jaar worden wij wakker en vragen wij onszelf af of wij niet in een tunnelvisie zitten. Hiertoe aangespoord door goede gesprekken met familie en vrienden, waarbij een paar zich openlijk uitspreken: ‘ik snap niet dat jullie nu iets terugkopen, als je toch op de boot wil blijven wonen?’ Zij hebben gelijk! En dat inzicht wordt nog groter als wij nog eens narekenen wat een nieuw walbezit toch nog aan kosten met zich meebrengt. Bovendien blijft het ook altijd aandacht vragen. En als uitsmijter; in deze tijd een huis kopen en dat 95% van de tijd leeg laten staan, is moreel niet verantwoord. Natuurlijk beseffen wij wel dat er plots redenen kunnen zijn dat wonen op de wal nog de enige optie is. Maar dan zijn er meerdere mogelijkheden, waaronder huren. Ondertussen hopen dat wij eerst nog lang van dit leven te kunnen genieten. De teerling is geworpen. Wij gaan door als 100% waternomaden en dat voelt heel licht en opgeruimd. Wie had dat gedacht
, wij een paar jaar geleden in elk geval niet.

Ineens is er dan toch serieuze belangstelling voor ons Bossche huis(je). Het proces gaat dan heel snel en wij zijn heel blij met enthousiaste kopers die een zelfde emotie hebben bij dit huis als wij altijd hadden. Het voelt ineens heel goed en verlicht. Wij komen overeen dat zij de tijd krijgen tot ten laatste 1 september om hun eigen huis te verkopen. Zo is er voor ons toch nog een klein stukje spanning in het verlengde van de kopers. Het gaat goed. Na 2 maanden horen wij dat hun huis verkocht is en onze overdracht begin juni kan plaats vinden. Het is nu definitief. De consequenties daarvan dringen door. Een andere huisarts, apotheek, dagblad met regionieuws en er moet een briefadres komen. Zo blijft er wat te doen.

Schilderen en shoppen

En dan waren er nog de geplande klussen en vernieuwingen aan de boot. In november werd al de nieuwe tent voor het achterdek afgeleverd. Deze was een jaar geleden al besteld; vakmanschap wordt schaarser... Ons nu committeren aan nieuwe wensen wordt makkelijker, wetende dat het huis geld gaat opbrengen. Er komt een nieuwe vloer op het achterdek, Luxaflex in het stuurhuis, nieuwe matrassen, nieuwe tablets voor de navigatie, een verbetering van de keuken en een camera op de mast. De mast zelf heeft Joep ook nieuw in de lak gezet gedurende de eerste warme dagen.

Tot slot, begin 2025 stelde de opticien vast dat Joep staar had aan één oog en beginnende staar aan het andere. Gelijk maar doorgepakt. Eind maart en begin april volgden 2 staaroperaties bij de Bergman kliniek. Gelukkig verliep dat soepel. En zo varen wij op 13 april, 2 weken later dan gepland, onze thuishaven uit, met aan het stuur de junior schipper en kleinzoon Flip, samen met zijn zus Wies en lentebloesems op de achtergrond. Op weg naar nieuwe avonturen richting ‘s-Hertogenbosch en daarna het noorden.

Amersfoort: tot eind oktober 2025 en meelezers: tot in juni.

Nooit, nooit, nooit meer aan de wal

Dat is de titel van een boek over bootbewoners in Amsterdam. Die tekst lijkt op onze conclusie uit het vorige verslag. Waarom voelen wij dat ook zo en is dat wel wijs? Daar gaat deze blog ook over. Naast natuurlijk onze belevenissen van de afgelopen 2,5 maand.

Met Terherne hadden wij ons noordelijkste punt van onze zomertocht nog niet bereikt. In Friesland zijn en niet in Grou hebben gelegen, voelt voor ons als een frietje zonder mayonaise. Eerst nog een paar dagen genieten op ‘de Poelen’ en op de, ‘Noarder Alde Wei’, tussen Goingaryp en Langweer. Tussendoor een gezellige koffie aan boord met Monica en Herman die ook in Friesland verblijven. De nazomer is echt zonnig en aangenaam warm. Een goede reden om de omgeving van Grou ook eens per fiets te ontdekken. Wij pakken in de avondzon, voor het terras van het bekende hotel Oostergo en tussen trotse Grousters de huldiging mee van het Grouster Skutsje, de winnaar van het Skutjsesilen 2024. Het vertrek uit Grou betekent de start van weer een etappe met een concrete bestemming en bij behorende streefdatum. Op naar Zwartsluis, de bestemming die al vanaf april in de agenda staat vanwege de inbouw van 2 spudpalen. Wij varen, met stops in Echternerbrug en Steenwijk naar de passantenhaven ‘De Kranerweerd’ in Zwartsluis. Daar zijn wij een paar dagen vóór de afgesproken dag op de naast gelegen Scheepswerf Geertman. Daar laten wij De Vriezin een aantal dagen alleen achter, vanwege zeilwedstrijden van Joep op het Braassemermeer. Een paar leuke dagen met weer een nieuwe ervaring. Wij zijn voor het eerst onderdeel van de campernomaden in ons bekende zeilwereldje. Zeilvrienden hadden aangeboden dat wij tijdens het zeilevenement gebruik konden maken van hun camper. Dat betekende je huisje bij je, maar dan op wielen en na de wedstrijden borrelen tussen de campers. Vanaf de Braassem gingen wij terug naar Zwartsluis om De Vriezin te verplaatsen naar de werf. Daar mochten wij alvast gaan liggen terwijl wij nog een 10-tal dagen op reis gingen met vrienden naar Spanje. Een periode op de werf zagen wij als een noodzakelijk kwaad, terug geworpen op onszelf in een industriĂ«le en weinig romantische omgeving. In de eerste uren werd dit idee al gelogenstraft. Wij kwamen te liggen achter een boot die ook lag te wachten op werkzaamheden en binnen een paar uur zaten met hen in een geanimeerd gesprek bij ons aan boord. Het was een voorbode van de rest van de werfperiode. Eerst nog met de auto over de Route National, samen met Rob en Wilma naar Spanje. In een rustig tempo met leuke stops, bezienswaardigheden en altijd weer lekker eten aan het einde van de dag. De eindbestemming is het huis van Frits en Anneke in Orba, aan de Spaanse oostkust. Het werden zeer relaxte dagen. Terugrijdend door Frankrijk maakten wij nog een omweg van 2 dagen om langs te gaan bij vakantie vierende Lidwien, Jeroen, Wies en Flip. Een prachtige afsluiting van de reis. Wij zouden er dan even tegen kunnen straks op die werf, zo was de gedachte. Dat bleek niet nodig. De periode op de werf werd ook een onverwacht leuke tijd. Ja, er moest gewerkt worden; zoals het compleet leeghalen van de machinekamer en de voorpiek, het helpen zoeken naar de weg voor draden die onder de vloer getrokken moesten worden, regelmatig dagelijkse troep opruimen, vechten tegen ‘vliegroest’ en eigen klein onderhoud. Maar tegen alle verwachtingen in werd het ook sociaal gezien een rijke tijd. Wij raakten snel bevriend met Charlotte, een bootbewoonster uit Amsterdam die bij de werf haar boot een grote opknapbeurt liet geven. Velen volgden: de schipper de prachtige Luxe Motor ‘Oude Jan’ die wij eerder hadden zien liggen in Oirschot en Maasbracht, de schipper van vrachtvaarder ‘Brick’ die wekelijks op Parijs vaart en zijn schip liet inkorten, Maarten van de charterclipper die gerepareerd moest worden na een aanvaring met een brug. En op het droge lagen wij naast Bert, een zzp-er op een joekel van een vrachtschip. In zijn grote stuurhut kregen wij een goede indruk van het varen op en met dit soort schepen. Terug in het water kwam de Luna Maris langszij. Rob, de schipper, herkende ons, omdat Maaike hem eerder dit jaar had gesproken in Wanneperveen. Hij had een probleem met zijn boegschroef. Het waren allemaal leuke ontmoetingen bij kopjes koffie, borrels of tijdens eten met elkaar. En ook de contacten met de uitvoerders waren gemoedelijk en leerzaam. De spudpalen ‘operatie’ heeft 3 weken geduurd en is succesvol verlopen. Tussendoor hadden wij ook nog een leuk weerzien met onze Smelne vrienden in Woudsend. Bijna weemoedig gooiden wij de trossen los bij Geertman. Tegelijkertijd, het starten van de motor en opnieuw rustig door het water glijden is ook weer een vertrouwd en positief moment. Op naar onze winter residentie, Amersfoort. Eerst nog even langs Kampen, waar er een nieuwe extra stuk afwatering wordt gemonteerd in verband met de nieuwe tent op het achterdek. Vanaf Kampen varen Paul en Marjolijn mee naar de laatste overnachtingsplek: Zeewolde. Zij hebben ook de primeur van het eerste echte gebruik van de spudpalen. Rond het middaguur gaan de spudpalen neer en lunchen wij in alle rust aan de rand van het Drontermeer In Amersfoort worden wij welkom gezwaaid door Lidwien, Wies en Flip. Flip ‘schippert’ door de brug naar onze winterplek. Wij zwaaien naar een aantal bekende winterliggers die wij kennen van de vorige winterperiode. Al na een paar dagen krijgen wij een 2e welkom. Het appartementengebouw dat grenst aan de Eemhaven, nodigt de winterliggers uit voor hun maandelijkse borrel in het museumcafĂ©. Wij gaan er heen met Margreet en Vincent die wij vorig jaar al hebben leren kennen als ‘buren’ Hoe leuk is dat? Wij voelen ons weer helemaal thuis en klaar voor de winter. En thuis is De Vriezin en niet meer de Brede Haven. Voorlopig dus niet (nooit
?) meer aan de wal. Het leven op het water maakt ons rijker. Wij begrijpen steeds beter waarom:

Wij leven met de elementen en zijn veel buiten. Wij volgen het ritme van het weer, de bomen en de dieren. In het boek 'Nooit, nooit, nooit meer aan de wal' zegt een van de waterbewoners: 'DĂĄt daar zijn mijn bomen en mijn vogels. Ook al is dat niet echt zo, zo voelt het wel'. Wij worden omringd door daglicht dat van alle kanten binnenkomt, zelfs in de winter met 360 graden panorama uitzicht. Er is altijd beweging; water spiegelt, kabbelt, golft of stroomt en het zicht is wijds en vaak ver. De bootof de stoelen kunnen wij steeds opnieuw richten op de zon of de schaduw. Tegelijkertijd biedt een schip geborgenheid en voelt het knus, zeker in de herfst en winter. En het is een overzichtelijk geheel, je weet wat je hebt en waar het ligt.Met een boot kun je makkelijk een paar dagen totale rust vinden, bijvoorbeeld op een stille plek in de natuur waar even niets hoeft. Ook de slaap aan boord lijkt extra diep. En dan is er natuurlijk nog de vaak geroemde vrijheid: je bent vrij om te gaan en liggen waar je wilt. In en rond de havens ontmoeten wij vrijwel altijd positief ingestelde mensen. Het dagelijkse rondje met het hondje is elke keer een kleine ontdekkingstocht. En de boodschappen worden elke keer in een andere supermarkt gedaan. Verveling en sleur krijgen geen vat op dit leven. Een van onze buren in Amersfoort vatte het varende leven zo samen: "Wij zijn heel vaak op vakantie, maar wij zijn altijd thuis". Zo voelen wij dat ook. Ons thuis is, waar 'De Vriezin' is en er zweeft altijd dat stukje vakantiegevoel rondom bootjes en varen.Heerlijk.

Tussen al het bovenstaande door is dan ook het definitieve besluit gevallen dat wij ons huis te koop zetten. Een extra reden is dat de wettelijke grondslag onder tijdelijke verhuur recent is komen te vervallen en dat maakt verhuren van ons huis een onderneming met een groter risico. Wij hebben een keus gemaakt tussen 3 makelaars. En het huis staat sinds een paar weken op Funda. Na een geslaagde verkoop lijkt het ons wijs om wel een stukje vastgoed terug te kopen in de vorm van een appartement en dan in Amersfoort. Wij zijn benieuwd en in het volgende blog, vermoedelijk verschijnend 2e helft maart 2025, praten wij jullie bij over de situatie zoals die zich nu ontwikkelt.

Een jaar en vele praatjes pot verder


Op 11 augustus 2023 gooiden wij de trossen los in Harlingen van de (toen nog) Fenna, voor onze eerste meters met een Luxe Motor en de eerste dagen van een verblijf op het water, het jaar rond. Wij zijn deze week precies een jaar verder en dat vraagt om een eerste reflectie op dat jaar. Daarover later meer. Eerst onze belevenissen op het traject Maasbracht- Sneek. De eerste stop is Roermond. Het weer was saai en mede daardoor ook de haven waar we aanmeerden. Roermond is wel een leuke stad met een paar leuke pleinen. Maar na 2 nachten gaan wij verder stroomafwaarts over de Maas. Een rustige, ruime rivier met mooie uit- en vergezichten en overzichtelijk scheepvaartverkeer. Gemiddeld plannen wij op vaardagen 3-4 uur varen. Dat brengt ons dit keer in Hanssum. Een vriendelijke haven waar we een fijne plek aan het gras krijgen. Dat is altijd fijn wanneer wij onze hond Vrommes aan boord hebben. Na Hanssum volgt Venlo. Daar blijven wij een paar dagen. Van daar uit naar verjaardag van goede vriend Herman en tussendoor is er weer een Vrommes wissel met de co-ouders en wij kijken regelmatig naar het EK voetbal. Hanssum en Venlo waren wij ooit al eens geweest. Dus het werd tijd voor nieuwe ontdekkingen. Dat lukt snel. Het Leukermeer, 2,5 uur varen boven Venlo blijkt een verrassing. Een paar aan elkaar geregen plassen in mooie natuur, met fijne aanlegplaatsen en een buitenlands aandoende sfeer. De volgende aanlegplaats is helemaal bijzonder. Via de ‘Landelijke Vereniging tot Behoud van het Historisch Bedrijfsvaartuig’ komen wij terecht in de ‘SociĂ«teitshaven voor Olie en Stoom’ op de Kraaijenbergse Plassen. Wij liggen midden tussen alleen maar sleepboten en andere prachtige historische juweeltjes, met eigenaren van het type ‘ruwe bolster, blanke pit’. Leuke contacten en na 2 gesprekjes, biedt iemand ons zelfs hun lege ligplaats aan in Nijmegen, voor na de volgende etappe. Het past helaas niet in ons programma, maar hoe leuk en typerend voor de sfeer die wij zo vaak aantreffen. Wij blijven er een paar dagen, met tussendoor voetbal kijken in Oss en oppassen in Amersfoort. Het is ironisch dat we juist in deze haven onze maidentrip maken met onze nieuwe bijboot ‘Jan de Vries’ met een schone elektrische motor. De volgende etappe begint met de opvaart op de Waal. Dat betekent langzame voortgang; max 7-8 km/u en goed uitkijken voor grote scheepvaart, zowel oplopers als tegenliggers . Na een tijdje wordt dit gecompenseerd met de afslag naar de IJssel, als wij in de afvaart gaan met 17 km/u. Prachtige panorama’s op de IJssel, geholpen door zonnig weer. Hier alleen opletten op tegenliggers die de binnenbocht opeisen met een blauw bord. Die dag eindigt in Rhederlaag. Een echt vakantie gebied, vooral in deze vakantie tijd. Fijn sfeertje en wederom leuke ontmoetingen. Hierna volgen Zutphen, Hattem, Belt-Schutsloot en Wanneperveen. Dan wordt Joep ziek met koorts, door een combinatie van buikgriep en te weinig drinken op een warme dag waarin wel veel lichamelijke arbeid is verricht. Beetje dom... Even een paar dagen kalm aan dus. Na een kleine week varen we min of meer volgens plan Friesland in. Ondertussen nog wel de verjaardag gevierd van een van de kleinkinderen in Scheveningen en een oppasdag op 1 augustus die samenvalt met Maaike’s verjaardag. Dan beginnen wij aan onze 27e(!) Sneekweek. Dit jaar pakt die erg goed uit met 6 dagen goede wind en zon. Ongewijzigd is de gezelligheid met 1 zus, 1 schoonzus, 2 zwagers en een neef die er ook altijd bij zijn. Een van de hoogtepunten is het bezoek van kinderen en kleinkinderen op de zondag. Een hele drukke en altijd weer leuke week. Joep eindigt als 20e van de 50 en is daar tevreden mee. Gelukkig volgen er dan een paar rustige dagen. Wij meren af in Terherne aan de ‘Avontuur’, met bewoners die wij kennen uit de winterperiode in Amersfoort . Ook de ‘Hebbes’ uit Amersfoort ligt daar. Een gezellig weerzien dat gevierd wordt met een etentje in Sneek.

Het jaar is rond. Wat heeft ons dat gebracht? Heel veel moois. Wat vooral opvalt zijn de vele verschillende en rijke contacten die wij opdoen. Er zijn veel ‘praatjes pot’, een term van onze buurman op woonboot in den Bosch. Simpel gezegd, een babbeltje (google maar eens) Meestal betreft het bootmensen en dat leidt vaak tot verder gaande contacten, elkaars boot bekijken, een drankje en het uitwisselen van ervaringen en vaak ook de persoonlijke gegevens, waardoor je elkaar via de verschillende vaar- Apps kan blijven volgen. Om een idee te krijgen volgt hier een opsomming, met voornamen van alleen de laatste 3 maanden, waarvan een aantal hier zal meelezen. Lucia, Nico, Ronald, Lydia, JĂ©rĂŽme, Nadine, Mario, Anja, Silvia, Johan, Steven, Sandra, Tjerk, Marjolein, Jansje, Gaike en Martin. Allemaal leuke mensen die wij hopen nog vaker tegen te komen! Tegelijkertijd merken wij dat het contact met onze ‘walvrienden’ ook goed blijft. Wij zien ze regelmatig, ook doordat wij zelf door het land reizen en dan is het altijd weer een waardevol weerzien. Natuurlijk kennen wij ‘De Vriezin’ nu een stuk beter dan 12 maanden geleden. Het manoeuvreren gaat een stuk beter. Hoewel onaangename verrassingen ook nog voorkomen. Zo verloren wij bijna een meertouw, bij niet goed opletten in een sluis in Weert. Fouten blijf je maken, horen wij ook van anderen, zolang als het maar minder wordt en dat is gelukkig zo. Wij leefden dit jaar veel dichter bij de natuur. Of het nu zonnig is of regenachtig, wij zijn ons meer dan in een huis bewust van de wereld om ons heen. Wij hebben continue de blik naar buiten gericht en het water is altijd in beweging en het uitzicht nooit hetzelfde. Soms liggen wij op plekken naast huizen die een fortuin hebben betaald voor het uitzicht dat wij dan gratis voorgeschoteld krijgen. Dan de techniek aan boord, dat is een groot verschil met een huis. Er is veel meer dat het moet ‘doen’ om comfortabel te kunnen leven aan boord. En dat is minder vanzelfsprekend geregeld dan in een woonhuis en kan eerder uitvallen. Meer aandacht dus voor onderhoud en controles. Leven vanaf een schip is wezenlijk anders dan vanuit een huis. Geen dag is hetzelfde, routines zijn beperkt. Wij vinden het fantastisch, zowel het varen als het ergens liggen. Dit jaar heeft ons in elk geval geleerd dat wij hier mee doorgaan. Wij gaan door met dit heerlijke nomaden bestaan. Dit is tegelijk een brug naar het volgende verslag. Want de consequenties van die conclusie werpen hun schaduw al voorruit. Volgende keer meer daarover. Dat zal vanuit Amersfoort zijn. Vermoedelijk eind oktober. Wat is er dan allemaal weer gebeurd
?

Bijgeloof en bestemming Maastricht

‘Drie keer is scheepsrecht’ wil de maritieme wereld ons doen geloven. Is dat bij ons ook zo? Dit jaar begonnen wij aan de 2e poging om Maastricht varend aan te doen. Daar ging wat mis
. Zou het de 3e keer dan lukken?

Tijdens onze ‘oppasvakantie’ hebben we een doel dat wat verder weg ligt. Want we hoeven dan geen rekening te houden met wekelijkse verplaatsingen naar de kleinkinderen. Dit jaar is die bestemming Maastricht. Een mooie stad en volgens veel vaarders heel leuk om met de boot te bezoeken. Maastricht hadden wij in 2022 ook op het programma staan. Maar omdat Joep toen nog vaak naar Breda moest voor zijn laatste werkweken voor Avans, kwamen wij toen tijd te kort en kwamen we maar tot Maasbracht. Nu dan, met meer tijd als pensionado, de herkansing.

We verlaten het vertrouwde centrum van den Bosch met het zicht op ons eigen verhuurde huis en de eerste stop is Veghel. Met de auto 20 minuten rijden, met de boot toch een paar uur varen. Zoals zo vaak, wij leren een andere plaats kennen dan wij vanaf de weg kenden. Vooral het nieuw ontwikkelde gebied ‘De Noordkade’ was een leuke verrassing. De volgende stop is Aarle-Rixtel. Leuke plek, maar met een slechte ervaring. Want in de nacht zijn onze tuinstoelen van boord gejat. Misschien hadden we het de dieven wel iets te gemakkelijk gemaakt, maar dat is nog geen vrijbrief om ons zo’n rot gevoel te bezorgen! Aarle-Rixtel was ook de plek waar we ontdekten dat de route naar Maastricht de komende weken gestremd zou zijn door onderhoudswerkzaamheden verderop, aan Sluis 13 (!) in Someren
. Daar strandt al snel onze 2e poging om naar Maastricht te varen. Change of plans; wat nu? Terug varen en daarna noordwaarts, of iets anders? Wij besluiten naar het westen te varen en een tijdje in de Piushaven in Tilburg te gaan liggen met de hoop dat de sluis over 2 weken weer doorgang verleend, zoals wordt verwacht. Dat bleek een leuk alternatief. Met onder andere een bezoek aan het bekende museum De Pont. Daar een zeer hedendaagse kunst expositie bezocht. De moderniteit daarvan was een groot contrast met de ‘sentimental journey’ op de fiets, over dezelfde wegen die Joep, meer dan 50 jaar geleden, van en naar zijn studentenhuis en sociĂ«teit ook fietste. De balans werd weer hersteld door een bezoek met Maaike aan de veel gelauwerde nieuwe ‘LocHal’ bij het station van Tilburg. In het weekend hadden we een leuke reĂŒnie met Zuid-Afrika vrienden in Ruinerwold, inclusief Solex tocht, en daarna weer terug naar de Kruikenstad. Dinsdags vertrekken wij daar voor onze 3e poging Maastricht. Na een half uur varen uit Tilburg, zien wij de eerste ‘dubbel rood’ van de dag. Dat betekent stremming. Een auto had zichzelf en de slagboom total loss gereden. Geschatte vertraging: onbekend. In de middag konden wij toch ineens verder. Een stukje verder, een sluis gestremd voor onbepaalde tijd
.. Komen we dan nooit in Maastricht? Uiteindelijk landen wij na een dag varen en slechts een tiental km’s verderop, langs de walkant van Oirschot. Mooie plek met gezellig plaatsje op fietsafstand. Twee dagen later naar Weert, via 6 sluizen en net voor de laatste, lastige en hoge sluis gaf de boegschroef er de brui aan. Sinds de aanschaf van dit schip is de boegschroef de zwakste schakel. Het enige dat nog niet is gereviseerd waren de ketting en de tandwielen. Wij wisten wel dat hier nog een risico bestond, maar we waren er toch niet klaar voor dat het werkelijkheid werd. Zouden wij misschien dan toch het verkeerde ritueel hebben ingezet bij het omdopen van de naam ‘Fenna’ naar de ‘Vriezin’
..? Als je dat namelijk niet goed doet dan volgt ongeluk, volgens een ander maritieme geloof. Wij houden het maar op domme pech. De diagnose stellen kostte niets, die werd bekostigd door ons abonnement op Botenwacht, maar de benodigde behandeling betekende een tussenstop met een bezoek aan een werf in Maasbracht, waar we over 2 dagen terecht kunnen. In Weert hadden wij nog 2 hele mooie zomeravonden aan een fraaie en rustige fiets- en wandelpromenade langs de wal. Een van de wandelaars zag ons zitten in de avondzon op het achterdek en vroeg: “Is dit nu het Zwitserleven gevoel
? “ Zonder nadenken zeiden wij beiden meteen “ja”. Ondanks het malheur van die dag, blijven wij genieten van elke dag en deze vorm van leven. Het voelt nog steeds als een droom die uit komt. Op weg naar Maasbracht waren JosĂ©e en Jeroen onze gasten. Het was een mooie, leuke dag en hun hulp was welkom in de 2 sluizen met groot verval. In Maasbracht werden wij op de werf met de punt droog gelegd, zodat de boegschroef gedemonteerd kon worden. Daar lagen wij ineens scheef in ons bed op een werf, in de lengte richting en de eerste nacht ook in de breedte. De betreffende monteur wist wel van aanpakken. In 2 dagen was het opgelost, inclusief een revisie van de boegschroef bij de fabrikant. De boegschroef is nu van alle kanten als nieuw en ‘kan nog jaren mee’.

Elk nadeel heb zijn voordeel. Want door deze ontwikkeling waren wij precies op tijd om de Maasbrachter Havendagen mee te maken. De eigenaar van de werf had voor dat doel een eigen ponton voor het muzikale centrum van dit evenement gelegd. Daardoor sliepen wij de volgende 3 nachten in op de feestmuziek en live klanken van o.a. Frans Duijts. Maar ook leidde het verblijf hier tot onvoorstelbaar veel leuke contacten met andere eigenaren van traditionele boten en zelfs binnenvaart schippers, komend uit Broek in Waterland, Parijs, Maasbracht, Rotterdam en Weert. Ook leerden we nog binnenvaart kneepjes en weetjes, door een bezoek aan een opleidingschip voor de binnenvaart. Het werd een geweldig, onverwacht gezellig weekend. Daar kwam ook het inzicht door dat wij niet zouden doorvaren naar Maastricht, omdat we dan in tijdnood komen om op tijd bij de Sneekweek te zijn. Dus Maasbracht werd wederom een keerpunt en Maastricht blijft na 3 pogingen een niet bereikte bestemming... Vinden wij dat jammer? Eigenlijk niet, want er blijft iets te dromen en de alternatieven waren ook leuk.

Op naar het noorden dus. Wat komt er nu op ons pad? Daarover medio augustus het vervolg, vanuit de omgeving Sneek (als we dat halen
..J )

Er is altijd wat te doen,
.yippie ja jee

Na 16 april ‘overkwam’ het Joep dat hij ineens moest zeggen dat hij 70 was geworden. Dat heeft hij gevierd met zussen en later met kinderen, kleinkinderen en pannenkoeken bij ‘Hans en Grietje’ in Zeewolde. Begin mei is de Eem weer bevaarbaar. De gestremde brug is gerepareerd. Zoals we vaker ervoeren, direct weggaan lukt dan niet, omdat de dagen zich al weer gevuld hebben met nieuwe afspraken of dingen te doen. We blijven ons verbazen over hoe snel dat gaat, terwijl er steeds meer dan genoeg te doen blijft. Dit leven vult zich steeds vanzelf. Nu boden de kansen zich aan om de 5 mei viering in Amersfoort nog mee te beleven en oude vrienden van de Smelneclub, die in dat weekend Amersfoort aandeden, terug te zien. Heel leuk. En voor Joep bood het een kans om nog een zeilwedstrijdweekend mee te pakken in Rotterdam. Ook het weer knapte op en we konden een begin maken met het broodnodige behandelen van onze houten koekoeken en kozijnen. Tevens voor ons -niet geboren doe-het-zelvers- een leuk leerproces dat voldoening geeft. Tussendoor ging Joep regelmatig met een grijper het vuil, waaronder veel plastic, rond de boten uit de haven vissen. Een hele kleine bijdrage aan onze eigen leefomgeving. In de laatste dagen van Amersfoort krijgt onze relatie met de buurt ook een nieuwe dimensie. Het begon met praatjes over de reling van de kade en eindigde met een uitnodiging voor de maandborrel van de buurt. Leuke en interessante contacten zijn er ontstaan.

Het losmaken van de Vriezin voelde als een echt vertrek, bijna een verhuizing, vanaf een geliefde plek. Maar de beleving van het ruime sop, de jonge groene natuur langs de Eem en de nieuwe vrijheid verdreef dat snel. Op naar nieuwe ervaringen! We blijven 2 dagen liggen aan de altijd mooie Vecht. Daar kwamen wij ook 2 Smelne-vaarders opnieuw tegen. Met hen varen we daarna via het Amsterdam-Rijnkanaal naar Vreeswijk, aan de Lek. Een leuke oude binnenvaart plaats met een totaal andere beleving dan de gemeente Nieuwegein, waar het toe behoort. Maaike had geregeld dat we via-via in de binnenvaarthaven konden liggen, in plaats van de passantenhaven. Wij waren nu echt onderdeel van het binnenvaart gilde. Een groot contrast met de volgende dag. Dan eindigen wij in de haven van de watersportvereniging van Gorinchem midden tussen de ‘Princess luxury yachts’ met 3 dekken boven elkaar en soms luid borrelende bemanning. Het aanleggen hier was een uitdaging, vooral voor de boegschroef, die al eerder bewees de zwakste schakel te zijn van de Vriezin. Met een knal stopte zij ermee. Het bleek niet de boegschroef te zijn, maar een ontplofte accu die overbelast was. Navraag bij de vorige eigenaar leerde dat deze accu het 12 jaar had volgehouden, dus vooruit maar met die vervanging. Alleen eerst, na het weekend, nog naar buiten manoeuvreren zonder boegschroef. Goed voor de oefening. De jonge havenmeester(es) hielp een handje.

Via de Waal en afgedamde Maas naar ’s-Hertogenbosch. We mochten ‘aanliggen’ bij Bart in de Brede Haven, vlak bij ons (verhuurde) eigen huis; heel bijzonder. Ons uitzicht is vrijwel hetzelfde als wij kennen vanaf 2014, maar het gevoel vanaf het water is behoorlijk anders, vrijer, opener, losser.

Het plan is 2 weken, de praktijk wordt bijna 4. Volop gezelligheid met buren en bekenden. En er is weer veel te doen... Het vervangen van de accu’s, het oplossen van een probleem met de verwarming, woensdagavond zeilwedstrijden, het Bossche Bollen zeilweekend bij de Viking en zeilweekend in BelgiĂ«, APK’s bij onze huisarts en tandarts, donderdagen oppasdag, verder onderhoud aan het hout van de boot en overleg met de verhuurmakelaar over de toekomst. Ondertussen bereikte het verkoop proces van de vorige boot de apotheose met de ontvangst van het gehele bedrag in een keer op de rekening. Het proces was lang en met kleine hick-ups, maar de netto opbrengst was hoger dan verwacht en dat maakt alles goed. Overbruggingslening afgelost en belangrijker, wij kunnen eindelijk verder met het de uitvoering van de verbeterplannen voor ons drijvende huis. Dus er volgen overleggen over het inmeten van de buitentent en de installatie van spudpalen. De boeken blijven nog even in de boekenkast
. Maar er gloort een periode met 5 weken zonder oppassen en dat noemen wij dan de ‘oppasvakantie’. Hoe wij die invullen, dat volgt hier de volgende keer en is nu nog een onbeschreven blad.